Wettelijk kader en regelgeving
Er is in Europees verband een Kaderrichtlijn VWG (veiligheid, gezondheid en welzijn) opgesteld waarin verplichtingen voor de lidstaten onder andere op het gebied van veiligheid zijn vastgelegd. Deze eisen zijn per land in nationale wetgeving omgezet, voor Nederland in de Arbowet.
In de Arbo-wet worden de wettelijke kaders voor onder andere de zorgplicht voor veiligheid door werkgever en werknemer vastgelegd.
Daarbinnen zijn de Arbobesluiten van kracht, waarin beschreven wordt hoe men tot veiligere werkomstandigheden komt. Een voorbeeld van een Arbobesluit betreft de verplichting tot het maken van een V&G-plan. Dit V&G-plan is een verplicht onderdeel voor werkzaamheden die tenminste 30 dagen of 550 manuren duren en/of wanneer de werkzaamheden met meer dan 20 personen tegelijkertijd worden uitgevoerd of in het geval er een bijzonder veiligheidsrisico is. Onderdeel hiervan is onder andere het V&G- plan, dat van toepassing is als de werkzaamheden tenminste 30 dagen of 550 mandagen duren en/of wanneer de werkzaamheden met meer dan 20 personen tegelijkertijd worden uitgevoerd, of in het geval er een bijzonder veiligheidsrisico is.
Daarnaast zijn er beleidsregels van toepassing. Voor veilig werken op hoogte is beleidsregel 3.16 van toepassing. Hierin staat vermeld dat er doelmatige voorzieningen moeten worden aangebracht als er een valgevaar bestaat op een hoogte van 2,5 meter of meer. Wat deze doelmatige voorzieningen zijn mag men zelf invullen, mits ze voldoen aan de veiligheidsnorm die beschreven staat in de beleidsregels.
Uitgangspunt van de te nemen maatregelen is de Arbeids Hygiënische Strategie (AHS). Daarin wordt de volgorde van de te maatregelen aangegeven: Elimineer (zo veel mogelijk) het risico, pas dan collectieve middelen toe en vervolgens persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM).
Een risico-inventarisatie is het beginpunt. Daarin wordt per project of situatie beschreven wat de risico’s of knelpunten zijn. In het plan van aanpak (artikel 3 doelmatige bescherming) worden de oplossingen hiervoor voorgesteld. Dit kan een valbeveiligingssysteem of collectieve voorziening zijn, maar ook individuele valbeschermingsmiddelen. Ankerpunten of een lijnsysteem worden beschouwd als een verlengstuk van het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen. ?
In het Arbo-informatieblad no. 15 ‘Veilig werken op hoogte’ geeft de Arbeidsinspectie voor diverse type daken en toepassingen de voorgestelde oplossingen weer. De status van dit Arbo-informatieblad is géén wetgeving, maar een advies.
In de afgesloten convenanten worden per beroepsgroep verdere bindende afspraken o.a. op het gebied van veiligheid gemaakt.
Voor persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) is de Europese richtlijn 89/686 van kracht, waaraan de producten dienen te voldoen (EN-normen). Voor gebruikers geldt de Europese richtlijn 89/656, die aangeeft dat deze veiligheidsproducten en -systemen ook dienen te worden gebruikt of toegepast. Aanvullend hierop is de bijzondere richtlijn 2001/45/EG van toepassing met specifieke een bepaling voor het tijdelijk werken op hoogte.
Met Hütter Veiligheid kiest u voor een betrouwbare partner voor valbeveiliging en persoonlijke beschermingsartikelen.
Meer weten?
Heeft u vragen of interesse in één van onze producten en/of diensten? Onze verkoopafdeling helpt u graag verder, zij zijn te bereiken op...![]()